24 mei 2008.

HET IS WEER ZOVER. LENTE!!

  

Half mei 2008. Ik fietste over de nog verlaten pier naar mijn visstek. Het zag er goed uit, de baarzen waren gearriveerd, het stikt van de aasvis, dat kon niet misgaan. Ik had mijn hengel al thuis opgetuigd, want eenmaal aan de waterkant wil ik nooit een seconde verspelen. Dat in tegenstelling tot mijn vismaten, die rustig eerst een half uur gaan” soosjolijzen” . Dit laatste doe ik ’s winters wel, zomers moet er gevist worden en op de parkeerplaats vang ik zeker niets.

Het water kolkte van de aasvis, ik sloop naar het water en liep langzaam het water in, direct omgeven door een enorme school bliek die mijn benen kennelijk zagen als de ideale schuilplek tegen de zeer actieve zeebaarzen. Het zonnetje kwam net op en de wereld was even perfect. Zeker toen mijn vlieg de eerste worp direct werd gepakt door een mooie hardknokkende zeebaars van zeker 50 cm. En dat aan een #6je. Geweldige sport!!


Het kan zo mooi zijn, soms.....

 

Grrrr^%^%$#$##&*

 

Piep, kraak grrrrr. Piep. Ik schrok wakker uit mijn dagdroom toen ik de plaatselijke beroepsvisser zijn staande want zag ophalen. Grote harders die aan de bovenrand van het net die nog leefden en driftig klapperden om uit het net te komen en diverse zeebaarzen die stijf en zeer dood in het net hingen. Het was weer zover, de jaarlijkse ellende met de staande netten was weer begonnen.  Elk seizoen begint eigenlijk in negatieve stemming en dat al meer dan 15 jaar lang en vooralsnog is er nog geen enkele oplossing of licht aan het einde van de tunnel. De nieuwste ontwikkeling is het gebruik van drijfnetten. Bij het gebruik daarvan kan je dus echt stoppen als sportvisser. Het is te hopen dat de beroepsvisser een beetje rekening wil houden met ons bij het plaatsen van deze netten. Ik kan hem wel begrijpen want door het gebruik van deze netten heeft hij veel minder last van krabben, kapotte netten door oesters etc, maar voor ons sportvissers is dit een slechte ontwikkeling.

 

ONVISBAAR.

Ik was deze dag inderdaad de pier opgevist en inderdaad was de aasvis massaal aanwezig en ik dichtte mij wel de nodige kansen toe, maar op de stek aangekomen zag ik al diverse oranje boeitjes en de nodige jerrycans liggen en het was mij al weer direct duidelijk, ik kon onverrichterzake naar huis, want op deze manier kon ik niet eens een vlieg het water in krijgen. Ik kon er nota bene naar toe waden en ik zag de drijvers van de netten aan de oppervlakte. Ook zag ik de harders tevergeefs aan de oppervlakte spartelen om uit het net te komen. Zonde van deze mooie grote vissen, want die zwemmen niet meer aan. Wat weg is, is weg. Zeebaars wil nog wel eens aanzwemmen, harders niet.

Vissen onder deze omstandigheden is zinloos, want ik gooi zelfs met de vliegenhengel nog over dit net…

 

VROEGER…

 

Over harders gesproken, vroeger als 16 jarige, vingen wij soms tientallen harders op een tij. De laatste jaren vang ik op een goede dag misschien 3 harders. Op sommige dagen zag je duizenden harders aan de oppervlakte zonnen, nu niet meer. Ik ben er zeker van dat de populatie door de constante aanwezigheid van de staande netten aardig gedecimeerd is. Vroeger scholden de vissers als ze die stinkende harders in hun netten hadden, nu gaan ze er juist op vissen, want alles levert geld op. Wie vreet er nu harders denk ik dan, maar buitenlanders schijnen ze wel lekker te vinden. Ook is het aantal zeebaarzen in de 50-70 cm range bijna verdwenen uit onze IJmuidense wateren. In de afgelopen jaren zag ik diverse malen grote scholen wat kleinere zeebaars, maar deze baarzen keerden nooit terug, waarschijnlijk ’s winters gewoon weggevangen. Voor veel beroepsvissers is het woord zeebaars een toverwoord geworden. Zeebaars is goud voor ze en dus wordt er driftig op gejaagd. Een kissie en ze hebben weer een daggie, zoals dat zo mooi zeggen…

Sportvisserij Nederland laat het begaan, onze Overheid vindt het best en laten we maar helemaal ophouden over Europa… De hele visserij ligt op 1 oor en iedereen vind alles best. Men zoekt redding in kleinschalige visserij zoals de staandewantvisserij en andere vormen die minder (milieu) belastend zijn en dat is waar wij als sportvissers weer achteruit fietsen, want dit soort “nieuwe” visserijen zitten ons letterlijk in het vaar- en viswater.

VERGUNNING

De betreffende visser mag dit, want hij heeft de vergunning. Je kunt het hem niet kwalijk nemen, hij gebruikt gewoon de mogelijkheden. Kom nu echter niet aan met het feit dat hij ervan moet vreten, want hoeveel geld gaat er inmiddels niet om in de hengelsport? Hoeveel mondjes moeten daar niet van gevuld worden? De cijfers liggen er, maar ik vind het wrang dat deze overduidelijke feiten door de overheden genegeerd worden en de Koninklijke Sportvisserij Nederland nog altijd machteloos aan de kant staat. (Aangetoond: de economische waarde van 1 kilo zeebaars voor de sportvisserij ligt veel en veel hoger dan voor het beroep.)
Probleem in Nederland is nog immer dat niemand zich verenigen. Als onze directeuren van Shimano, Spro, Shakeseare, Lowrance, Albatros,Beet  etc zich nu eens gaan verenigen in 1 denktank, dan gaat het misschien eens wat worden. Zolang ze alleen voor zichzelf willen werken, zal het nooit wat worden in Nederland.... Ik krijg niet echt de indruk dat men hier in Nederland lekker samenwerkt

Op sommige stekken kan ik met vliegenhengel niet eens vissen, zo dicht staan de netten op de kant. Dat is niet alleen in IJmuiden, maar inmiddels op veel meer stekken langs onze kust. Ik ben blij met mijn kajak, dan kan ik die ellende nog eens ontvluchten, voor zolang het duurt, want ook de Blokkendam staat op het punt te verdwijnen onder het zand t.b.v. Maasvlakte 2. Zoals ik in de plannen heb gezien, krijgen wij sportvissers er helemaal niets voor terug.


Lekker in de kajak, een uitkomst!

 

ZUIDPIER IN  MINEUR

 

Over zand gesproken: ook mijn eigen Zuidpier verdwijnt  langzaam in het zand en over een aantal jaren zal een groot deel van deze, ooit befaamde, pier niet meer te bevissen zijn. Waar 20 jaar geleden nog 10 meter water stond, kan je nu lopen. Uiteraard is dit funest voor de visserij: de makreel zal dit ondiepe water mijden en scharren zie je al helemaal niet meer gevangen worden.  Ook de beroemde gullenstek aan het begin van het tweede stuk is verdwenen. Ik weet niet waar het aan ligt, maar ook de binnenkant van de pier levert steeds minder vis op. Weet u dat er vroeger voornamelijk aan de binnenkant werd gevist? Alles werd daar gevangen en alleen sommige specialisten visten aan de buitenkant. Op de kop van de pier werd nooit gevist! Er was gewoon geen noodzaak om zo moeilijk te doen…


Vroeger stond hier 10 meter water!

 

STRIPERS

 

Ik sluit mijn ogen maar weer en ik ben direct in een land waar het heel anders aan toe gaat: Amerika. Een land waar onlangs President Bush de Striped Bass tot Gamefish heeft aangewezen en waar de beroepsvisserij met hun grijpgrage vingers af moeten blijven. Niet helemaal waar, maar goed, ze zijn daar duidelijk stukken verder dan in Europa. Een land waar je nog grote scholen vis ziet jagen; in het voorjaar, stripers en bluefish, vervolgens bonitos, spaanse makrel, tautog en albacores en tegenwoordig zelfs bluefintonijn en in het  najaar allerlei soorten dwars door elkaar heen. Een land met duizenden inhammen, strandjes en baaien. Heel veel grote vissen, alleen voor sportvissers. Het Walhalla voor de sportvisser, waarom kunnen wij daar hier in Nederland niet een heel klein beetje van hebben?? Het is gewoon oneerlijk als ik er aan denk en ik doe mijn ogen maar weer open, weer terug in de realiteit. Nog 3 weekjes, dan mag ik weer even een weekje aan de gang in striper paradise. Ik voel de kriebels in mijn onderbuik, het speciale spannendevakantiegevoel zullen we maar zeggen.

Normaal gezicht op veel plekken in de USA

 

TOCH NOG VIS

 

Ik eindig toch positief. Er zwemt er nog wel wat vis, het is soms ongelooflijk dat er überhaupt nog wat doorheen weet te komen maar altijd is er wel ergens nog af en toe een visje te vangen. Uiteraard ga je het toch proberen en zo wisten we toch nog een leuk aantal baarzen te vangen. Op de vliegenhengel weliswaar, maar ik garandeer u dat een 55 cm baars een aardig spektakel oplevert op een #6 je en als je er dan zo’n 12 vissen vangt, dan mag je best tevreden zijn. Niet allemaal 55ers natuurlijk, maar wel allemaal 40+ers. Heel leuk op de vlieg.

Big Fun op een #6je!!

Nog een dode visfoto tot besluit, de dreggen hadden helaas de kieuwen gepakt. Ik plaats hem toch even om te laten zien dat de baarzen eigenlijk net gearriveerd zijn en nog erg mager zijn. In de maag van de grote baars zat slechts 1 zandspiering. Mooi weer dit jaar, maar het begint allemaal vrij laat.

 

 

Archief